Auberges in Valletta

Auberge de CastilleAuberge de Castille

Veel belangrijke gebouwen in Valletta en Vittoriosa dragen de naam 'auberge', met daarachter de naam van een streek. Deze auberges zijn een soort herbergen die gebouwd werden als verblijf voor de ridders met dezelfde nationaliteit (of eigenlijk uit dezelfde taalgroep / langue) als de naam van de auberge. In zo'n herberg vonden ridders onderdak indien zij geen huis op Malta bezaten. Ridders werden geacht ongeveer vijf jaar in een auberge te verblijven. Ook mensen van stand, die tijdens hun reizen behoefte hadden aan gastvrijheid en onderdak, konden gebruik maken van de faciliteiten van de auberges. Hiervoor moesten de gasten overigens wel gewoon betalen. Elke auberge had slaapvertrekken, een eetzaal en een kapel die allemaal rondom een binnenplaats werden gebouwd.

Tijdens de bouw van Valletta werden zeven auberges gerealiseerd en later werd daar eentje (Auberge de Bavière) aan toegevoegd. Tegenwoordig staan er hiervan nog vijf overeind; Auberge d'Aragon, Auberge de Bavière, Auberge de Castille, Auberge d'Italie, Auberge de Provence. Auberge d'Allemagne werd in 1839 afgebroken om plaats te maken voor een Anglicaanse Kathedraal. Auberge d'Auvergne (op de plaats van het huidige gerechtsgebouw) en Auberge de France (op de plek van het pand van de huidige General Workers' Union) overleefden de Tweede Wereldoorlog niet. In Vittoriosa / Birgu staan nog de volgende auberges overeind: Auberge d'Angleterre, Auberge d' Aragon, Auberge d'Auvergne et de Provence, Auberge de Castille et Portugal en Auberge de France.

Auberge de Castille et Léon

De mooiste en bekendste auberge is die van de Castille (Berġa ta' Kastilja). Dit pand was oorspronkelijk bedoeld als huisvesting voor de ridders van de Langue van Castille (in Spanje), Leon en Portugal. Dit was één van de krachtigste Langues binnen de Johannieterorde. De originele auberge werd in het jaar 1574 naar een ontwerp de Maltese architect Geralomo Cassar (1520 – 1592) gebouwd op het hoogste punt van Valletta. In het jaar 1741 werd het gebouw onder leiding van, de uit Zejtun afkomstige, Andrea Belli (1703 – 1772) volledig opnieuw gemodelleerd, waardoor het zijn huidige uiterlijk verkreeg. Deze verbouwing werd uitgevoerd in opdracht van de Castiliaanse grootmeester Emmanuel Pinto de Fonseca. Zijn borstbeeld is centraal tussen gebeeldhouwde banieren boven de hoofdingang geplaatst. Van het gebouw wordt gezegd dat het 'het luisterrijkste en meest harmonieuze voorbeeld van de barokke architectuur uit de achttiende eeuw in Valletta' is. Het gebouw is rijk gedecoreerd. De vensters zijn allen versierd met allerlei beeldhouwwerk. Hierdoor, door de afmetingen en door bijvoorbeeld de statige toegangstrap met kanonnen aan weerszijden, wekt het gebouw direct de indruk belangrijk te zijn. Recentelijk is de omgeving van het gebouw wat opgewaardeerd. Eerder lag er een deel van het busstation voor de deur. Toen dat verdwenen was, bleef er een drukke rotonde liggen. Die is eind 2015 verwijderd en vervangen door een plein.

Zowel tijdens de strijd tegen de Fransen (1798 – 1800) als tijdens de Tweede Wereldoorlog raakte het gebouw beschadigd. Tegenwoordig is daar nog slechts weinig van te zien. De Britten gebruikten het gebouw lange tijd als hoofdkwartier voor de militairen die op het eiland waren gestationeerd. De Maltezers mochten er slechts werk van laag niveau verrichten. Er bestaat een verhaal waarin de latere president van Malta Dom Mintoff er als klein jochie van de Britten niet door de voordeur naar binnen mocht om zijn aldaar werkzaam zijnde vader te bezoeken. Toen zijn vader zich daarover opwond, antwoordde het jochie: "Laat maar zitten Papa, eens wordt ik hier de baas". Toen Malta onafhankelijk werd van de Britten en zij van het eiland vertrokken, werd het gebouw in gebruik genomen door de Maltese Minister-president. Tegenwoordig is de auberge nog steeds als werkpaleis van de Minister-president in gebruik.

Onder de auberge bevinden zich verborgen gangen, die tegenwoordig deels zijn afgesloten. Hier bevinden zich bijvoorbeeld nog de resten van de Lascaris war rooms. Tijdens de oorlogen en Britse overheersing kon via het tunnelstelsel eenvoudig de kust worden bereikt en konden personen dus ongezien de Castille bezoeken. Ook de bevoorrading van de auberge geschiede op die manier grotendeels buiten het zicht van pottenkijkers. Onder de nabijgelegen nationale bank bevinden zich soortgelijke (afgesloten) tunnels. Er is weinig fantasie nodig om te bedenken wat daar tegenwoordig allemaal zou kunnen worden opgeslagen.

Auberge de Castille is gemakkelijk te vinden in Valletta. Wanneer, direct na binnenkomst in de stad, de trap rechtsaf wordt genomen en de weg wordt gevolgd, komt het pand als vanzelf in beeld.

Auberge d'Aragon

Auberge d'AragonAuberge d'Aragon

De oudste van de zeven, door de Maltese architect Geralomo Cassar (1520 – 1592) ontworpen, auberges is Auberge d'Aragon (Berġa ta' Aragona), die in 1571 gereed kwam. Dit is een vrij onopvallend pand dat, in tegenstelling tot de andere auberges, slechts één woonlaag telt. Het huidige gebouw ziet er nog net zo uit als in de periode waarin het gebouwd werd. Aan de buitenzijde kent het gebouw weinig decoratie. Aan de binnenzijde zijn enkele ruimten ingericht met spullen uit de renaissance. Het gebouw is momenteel in gebruik van het ministerie van Financiën.

Auberge de Bavière

Auberge de BavièreAuberge de Bavière

Auberge de Bavière (Berġa ta' Baviera) werd gebouwd in het jaar 1696 als het paleis van de Portugese Fra Gaspare Carniero, de Balì van Acre (hij werd ook wel Balì Carner genoemd) en werd door de ridders van de nieuw gevormde (Brits/Bavariaanse) langue van de Bavière gebruikt in de periode tussen 1784 en 1798. Door de tijd heeft het gebouw veel verschillende gebruikers gehuisvest. Meerdere malen raakte het beschadigd tijdens oorlogen. Toch is het gebouw nog redelijk intact gebleven. Momenteel is het in bezit van de gebouwendienst van de Maltese overheid.

Auberge d'Italie

Auberge d'Italie (Berġa tal-Italja) staat om de hoek bij Auberge de Castille en werd natuurlijk gebouwd voor de Italiaanse ridders. Net als Auberge de Castille werd het gebouw ontworpen door de Maltese architect Geralomo Cassar. Het gebouw werd uitgebreid in 1683, tijdens de periode waarin de Italiaanse grootmeester Fra Gregorio Carafa aan de macht was. Later werd de façade van het gebouw aangepast om een beeld van deze grootmeester in de gevel op te nemen. Tegenwoordig wordt het gebouw gebruikt door de National Tourist Authority; de Maltese VVV. Het staat tegenover het Palazzo Parisio waar in 1798 van 12 tot en met 18 juni Napoleon verbleef. Palazzo Parisio doet tegenwoordig dienst als ministerie van buitenlandse zaken.

Auberge d'Auvergne et Provence

Auberge de Provence (Berġa ta' Provenza) is een vrij onopvallend bouwwerk aan de Republic Street. Ook dit gebouw werd ontworpen door Geralomo Cassar. Het werd gebouwd tussen 1570 en 1575. Samen met Auberge d'Aragon is het de enige auberge die door de tijd geen uiterlijke gedaanteverandering heeft ondergaan. Opvallend zijn de Dorische zuilen die in de gevel zijn verwerkt. De langue van de Provence vormde de meest gezaghebbende langue in de ridderorde. In het gebouw is tegenwoordig het archeologisch museum gevestigd.



Google