Kapingen
De luchthaven van Malta vormde een aantal maal het decor van vliegtuigkapingen.
De gekaapte Boeing.
Op 25 november 1973 werd een Boeing 747-206B van KLM, de PH-BUA gedoopt Mississippi, boven Bagdad gekaapt door 3 jonge Arabieren. Het vliegtuig, met Sjaak Risseeuw als gezagvoerder, was onderweg van Schiphol, via Athene, Beiroet, New-Delhi, Bangkok en Manila naar Tokio. Na vertrek uit Beiroet werd het toestel gekaapt. De kapers wilden het vliegtuig eigenlijk laten crashen in het centrum van Amsterdam, vanwege de tolerante houding van Nederland jegens de staat Israël. Geen enkel land gaf het toestel toestemming om te landen. De terroristen dreigden daarom het toestel op te blazen. Uiteindelijk kreeg het vliegtuig toch toestemming om te landen op Luqa airport. Na onderhandelingen met de toenmalige minister-president van Malta, Dom Mintoff, werden 236 van de 247, voornamelijk Japanse, passagiers en 8 stewardessen vrijgelaten. Met nog 11 passagiers en het de cockpitbemanning aan boord vloog het vliegtuig daarna door naar het emiraat Dubai. In Dubai werd zonder bloedvergieten een eind gemaakt aan de kaping. In een archief vonden wij nog krantenartikelen over deze kaping. Bijvoorbeeld deze uit de Nieuwe Leidsche Courant van 28-11-1973 en deze uit de krant van een dag later.
Op 20 februari 1983 werd een Boeing 727-2L5 (5A-DII) van Libyan Arab Airlines (vlucht LN484) met 160 passagiers aan boord gekaapt, tijdens een binnenlandse vlucht van Tripoli naar Sebha in Libië. Al bestaat er enige twijfel over de route die het zou hebben moeten nemen, boven Malta hoorde het toestel echter niet. De luchtvaartautoriteiten op Malta wilden het vliegtuig geen toestemming geven om te landen, behalve als alle gijzelaars zouden worden vrijgelaten. Uiteindelijk landde het toestel zonder toestemming. Ook deze maal werd Dom Mintoff, ingeschakeld om te onderhandelen. De onderhandelingen duurden ruim 65 uur. De kapers eisten brandstof om naar Marokko te kunnen vliegen en Mintoff, eiste de vrijlating van alle gijzelaars. De gijzelaars werden op 23 februari vrijgelaten, nadat de kapers zich over hadden gegeven. Ook van deze kaping vonden we wat krantenartikelen. De Leidsche Courant schreef er dit artikel over op 22-02-1983 en dit artikel twee dagen later.
Veel minder goed liep het af tijdens een andere kaping. Op 23 november van 1985 werd een Boeing 737-266 (SU-AYH), van Egypt Air (vlucht MS 648) gekaapt door 3 terroristen van de Abu Nidal (ANO) groep. Zij waren in het bezit van geweren en handgranaten. De terroristen kaapten het vliegtuig onder het mom van de Egyptische revolutie. Het vliegtuig, met 94 passagiers aan boord, werd gedwongen te landen op het vliegveld van Malta. Hier zou het vliegtuig bij moeten tanken. De regering van Malta weigerde de kapers echter brandstof te verstrekken. Nadat 11 personen en twee gewonde stewardessen waren vrijgelaten, begonnen de terroristen mensen te executeren. Zolang het vliegtuig niet werd voorzien van brandstof, besloten ze om de 15 minuten iemand te doden. Zes mensen werden in het hoofd geschoten en uit het vliegtuig gegooid. Slechts twee van hen overleden. Omdat het een Egyptisch vliegtuig betrof, besloot Egypte elitemilitairen in te vliegen met een Hercules transportvliegtuig. 22 uur nadat het gekaapte vliegtuig in Malta aankwam, bestormden zij het vliegtuig. Hierbij kwamen, op 1 na, alle kapers om. Onder de passagiers en de bemanning vielen 60 doden. De meeste van hen kwamen om door het onbezonnen, amateuristische, onverantwoordelijke en volstrekt idiote handelen van de Egyptische militairen. Een ingezonden artikel op de website van 'Times of Malta' (hier) vertelt wat er zoal fout ging.
Ook werd een vliegtuig van Air Malta eens slachtoffer van een kaping. Op 9 juni van 1997 werd een Boeing 737 (vluchtnummer 830), met 74 passagiers en 6 bemanningsleden, gekaapt door twee Turkse mannen. Het vliegtuig was vertrokken vanaf Luqa Airport richting het Turkse vliegveld Ataturk international in Istanbul toen het werd gedwongen richting het vliegveld bij Keulen te vliegen. De kapers vertelden dat zij bommen bij zich hadden. Op Keulen begonnen de onderhandelingen met de lokale autoriteiten. Deze wisten de kapers te overtuigen de explosieven over te dragen aan de gezagvoerder. Nadat deze had vastgesteld dat de explosieven nep waren, gaven de beide kapers zich over. Alle passagiers bleven ongedeerd. Achteraf werd er flink gespeculeerd over de motieven van de daders. Zo zouden ze het vliegtuig gekaapt hebben om vrijlating van Mehmet Ali Agca te realiseren. Deze zit een levenslange gevangenisstraf uit. De meest plausibele verklaring is echter dat de kapers gewoonweg niet terug wilden naar Turkije waarnaar ze vanuit Malta werden uitgezet.
Ook had een Maltese official een groot aandeel in de Lockerbie ramp, waarbij Pan Am Boeing vlucht 103 neerstortte bij een bomaanslag. De koffer waarin de bom zat was op Malta ingescheept voor een vlucht naar Frankfurt. Hier werd hij overgeladen in de Boeing die via Londen Heatrow naar New York's John F. Kennedy International Airport zou vliegen. Boven het Schotse plaatsje Lockerbie ontplofte de koffer, waarna het vliegtuig neerstortte. Hierbij kwamen 270 mensen om het leven, waaronder 11 mensen uit het plaatsje Lockerbie.
|
