Mosta (Il-Mosta)

de Mostadomede Mostadome

Mosta is een stadje met ongeveer 19.865 inwoners, centraal gelegen op het eiland Malta. Qua omvang is het de tweede stad van Malta. Mosta ligt ten westen van Valletta. Mosta betekent 'centrum' en dat is gezien de positie op het eiland dus niet zo'n slechte naam. Doordat Mosta het centrum van het eiland is, is het er vaak druk. Er rijdt behoorlijk veel verkeer door de straat die dwars door het centrum loopt. Dat schrikt toeristen vaak af om het centrum te gaan verkennen.

De Mosta dome

De binnenzijde van de koepel van de MostadomeDe koepel van de Mostadome

De Mostadome, ook wel Rotunda of St. Marija Assunta genoemd, is de grote publiekstrekker van Mosta. Het is een 56,3 meter hoge koepelkerk in het centrum van het stadje, met een façade met enkele zuilen en twee grote klokkentorens. Het interieur van de cilindervormige kerk is versierd met beschilderingen van Maltezer kunstenaars en allerlei altaren waar heiligen worden vereerd. Vooral het aanzicht van de binnenzijde van het dak van de kerk is bijzonder. Bovenin de voorgevel staat de tekst 'VIRGINI SYDERIBUS RESTITUTAE T.H. MUSTENSES F.F', wat zoiets betekent als 'De mensen van Mosta bouwden deze kerk ter ere van de maagd Maria in de hemel'. Toen Mosta rond het jaar 1815 ongeveer 3820 inwoners telde (waarvan de meerderheid kerkgaand was), bleek de bestaande kerk veel te klein. Wie diensten wilde bijwonen, moest meestal buiten blijven staan. Daarom werd besloten een nieuwe kerk te bouwen. Uit verschillende ontwerpen, werd die van de Maltese architect Giorgio Grognet de Vassé (1773 – 1862) gekozen. Hij ontwierp het huidige pand in neoklassieke stijl, waarbij hij zich liet inspireren door het Pantheon in Rome. Op 5 augustus 1832 werd een comité opgericht dat de bouw van de kerk moest bewerkstelligen. Nadat de overheid en kerkelijke leiders (die liever een traditionele kerk in kruisvorm wilden) van Malta akkoord waren met de bouw, werd op 30 mei 1833 de eerste steen gelegd. Pas op 19 juli 1833 werd de bouw aanbesteed. Voor zijn ontwerp en het toezien op de realisatie ervan, bedong Grognet een betaling van 1200 scudi, drie jaar lang een dagelijks loon, de kosten van verhuizing vanuit Valletta en de bijzetting in de kerk van hemzelf en zijn vrouw na hun dood. Voor een ronde koepelkerk werd gekozen, zodat de oude kerk kon blijven staan. De veel grotere nieuwe kerk werd simpelweg over de oude heen gebouwd terwijl deze in gebruik bleef, met als bijkomend voordeel dat de oude graven niet geschonden werden. Daarnaast biedt de nieuwe kerk de mogelijkheid aan 5000 zittende kerkgangers het preekgestoelte te zien zonder visuele obstructie. Bovendien onderscheidde Mosta zich met haar ontwerp van alle bestaande kerken in Malta. De bouw werd voornamelijk gefinancierd vanuit giften, legaten, leges voor bruiloften, collecte en opbrengsten uit activiteiten. Ook werd er een loterij georganiseerd die zich met name richtte op de rijkere Maltezers elders op het eiland. De prijzen van de loterij werden echter nooit uitgekeerd. Wat bij de bouw ook meehielp is dat enkele rijkere leden van het bouwcomité en de kerkgemeenschap stierven. Hun nalatenschap zorgde voor een voortvarende aanvang van de bouw. Bij de aanvang werkten er dagelijks tussen de 39 en 58 mannen aan de kerk, afhankelijk van de mogelijkheid tot het uitbetalen van het loon. Op zondagen werkten veel parochianen vrijwillig mee. Zij ontvingen daarvoor buitengewone dispensatie van de voorgeschreven zondagsrust. De benodigde stenen werden gewonnen in groeves in de omgeving van Mosta en vervolgens via een katrol, met behulp van muilezels, omhoog getakeld. Vervolgens werden ze onder leiding van de analfabete meestermetselaar Angelo Gatt (1796 – 1875) op hun plek gelegd op een wijze waarop een soort zwaluwstaartverbindingen ontstonden. Hierbij werd geen gebruik gemaakt van een steiger en tussen de stenen werd nauwelijks cement gebruikt. Na ruim 27 jaar bouwen, was de kerk gereed in het begin van 1860. Op 16 februari van dat jaar werd begonnen met de sloop van de oude kerk, waarna de nieuwe meteen in dienst werd genomen. Pas op 18 oktober 1871 werd de kerk door de bisschop gewijd. De totale kosten van de bouw bedroegen £ 21.000 (259.400 scudi), wat veel meer was dan begroot en eigenlijk ook veel te veel voor het boerse Mosta, dat slechts enkele rijke families kende. Ter vergelijking; de bouw van de Anglicaanse Sint-Pauluskathedraal te Valletta, in dezelfde periode, kostte slechts £  18.000 en was in vijf jaar gereed.

De binnenzijde van de Mostadome

Op 9 april 1942 werd de kerk gebombardeerd vanuit een Duitse bommenwerper. Twee bommen ketsten af, maar een 500 pond zware bom ging dwars door het dak heen, terwijl in de kerk ruim 300 mensen aanwezig waren voor de mis. De bom ging echter niet af en er raakte niemand gewond door vallend puin. De mensen ter plekke spreken nog altijd van een wonder. Feitelijk is het echter niet zo bijzonder dat bommen niet afgingen. In de Tweede Wereldoorlog werden de bommen gemaakt door dwangarbeiders die, waar het even kon, de boel saboteerden. Waarschijnlijk was de blindganger gevuld met zand in plaats van explosieven. Soms wordt ook verteld dat Tsjechoslowaakse arbeiders van de Škoda-fabriek te Pilsen er een briefje in hadden gestopt met daarop de tekst Pozdravuji z PlznÄ› (Groeten uit Pilsen), maar dat lijkt ons onwaarschijnlijk. Een replica van de bom is momenteel te bezichtigen in de souvenirwinkel van de kerk. Met behulp van de replica, wil men aantonen dat God altijd over ons waakt. Jaren na de oorlog kwam de Duitse soldaat, die de bom gedropt zou hebben, naar Mosta toe om zijn excuses aan te bieden. Zijn daad werd hem door de bewoners van Mosta vergeven.

De bom na de inslagDe bom na de inslag.

Een anekdote vertelt het verhaal over een mysterieuze poging tot inbraak in de kerk. In de avond van 2 mei van het jaar 1983 reed een bestuurder met een Mercedes de trappen voor de kerk op (de trappen hebben 8 en 3 treden). De auto knalde door de gesloten voordeur en de binnendeur heen. De auto werd in het midden van de kerk achtergelaten met de koplampen aan. Tevens klonk er vanuit de cassettespeler in de auto luide muziek.

De Mostadome is iedere dag van de week geopend voor publiek. Maandag t/m vrijdag van 9:30uur tot 17:30uur, op zaterdag van 9:30uur tot 16:30uur en op zondag van 12:00uur tot 16:30uur. Voor een bezoek aan de basiliek moet worden betaald. De entree bedraagt € 2,–. Wie ook de klimtocht naar binnengalerij van de kerk wil maken, betaalt € 3,– extra. Ook een schuilkelder uit de Tweede Wereldoorlog is te bezoeken. Daarvoor moet € 2,– worden betaald. Een combikaartje voor alle drie de attracties kost € 5,–. Kinderen onder de twaalf jaar mogen gratis naar binnen.

Overige bezienswaardigheden

In en rond Mosta staan nog een aantal oude gebouwen en fortificaties die onderdeel vormden van de Victoria lines. Ze werden gebouwd om het belangrijkste deel van het Britse eiland te beschermen tegen indringers. Mosta ligt op een hoogte van ongeveer 70 meter. De Victoria Lines liepen grofweg van het zuidwesten naar het noordoosten langs de stad. Er werd tijdens de aanleg handig gebruikgemaakt van het natuurlijke hoogteverschil met de omgeving, zodat aan de rand van het plateau slechts een lage verdedigingsmuur hoefde te worden aangelegd. Het grootste verdedigingswerk is fort Mosta; een bouwwerk uit 1878. Een bezoekje aan het bouwwerk is best leuk voor mensen die toch in de buurt zijn. Het ligt iets ten noorden van Mosta.

Ondiep onder het straatniveau van het plein direct voor de Mostadome bevinden zich schuilkelders uit de Tweede Wereldoorlog. De omvang van deze kelders is gering in vergelijking met soortgelijke gangenstelsels elders op het eiland. De te bezoeken gang biedt amper voldoende ruimte voor alle bordjes met informatie. Als in Mosta het luchtalarm klonk, kozen veel mensen ervoor om de kerk in het vluchten en te schuilen in de ruimte waar de grafkisten lagen opgeslagen.

Kapel van Paulus de HeremietKapel van Paulus de Heremiet

In Mosta is een tiental kapellen te vinden. Deze vallen vrijwel allemaal in het niet naast de Mostadome. Erg bijzonder is de kapel die is gewijd aan Paulus van Thebe (of Paulus de Heremiet). Deze bevindt zich in een natuurlijke grot in de wand van de Wied il-Għasel (Honingvallei) en is vanuit het centrum van Mosta te bereiken via een smal wandelpad door de vallei onder de hoge Mostabrug door. De wandeling vanaf de bushalte naast de Mostadome, is ongeveer 1,75 kilometer lang en is de moeite waard. De kapel zelf is niet erg bijzonder, maar door de pittoreske ligging is hij erg fotogeniek. De kapel werd zeker voor 1575 gebouwd en raakte door de eeuwen heen enkele malen in verval. Voornamelijk vanwege de slechte bereikbaarheid. Tegenwoordig bevindt de kapel zich in behoorlijke staat. Er staat een altaar in het pand. Op het (replica van het) altaarstuk staat natuurlijk Paulus de Heremiet afgebeeld, tezamen met Antonius van Egypte.

De bruid van Mosta

Torri CumboTorri Cumbo

Een deels op feiten gebaseerd volksverhaal, vertelt over de bruid van Mosta (l-Għarusa tal-Mosta). Het meisje Marianna Cumbo leefde halverwege de zestiende eeuw met haar familie in Torri Cumbo aan de rand van Mosta. Ze was waarschijnlijk de dochter van een corrupte rechter. De Turkse bediende van de familie was heimelijk verliefd op Marianna. Zij had echter haar hart al verpand aan de buurjongen; Toni Manduca. Met hem wilde ze trouwen. Toen de Turk dat hoorde, ontvluchtte hij het huis en Malta. Op de dag van de bruiloft, keerde hij terug op een piratenschip. Terwijl Mosta werd geplunderd, ging hij naar Torri Cumbo, ontvoerde Marianna en maakte haar tot zijn slaaf. Toni liet het er niet bij zitten, trok naar Turkije en deed zich voor als wolhandelaar, zodat hij zonder argwaan te wekken op zoek kon gaan naar zijn Marianna. Zij was opgenomen in de harem van de sultan. Op een dag zong ze een Maltees volksliedje (għana), juist op het moment dat Toni langsliep. Direct herkende hij haar stem. Via de dochter van de sultan, kwamen Marianna en Toni vervolgens weer met elkaar in contact. Gekleed als eunuch, ontvluchtte ze het paleis. Nadat ze per schip op Malta terugkeerden, konden Toni en Marianna alsnog in de echt worden verbonden en leefden ze nog lang en gelukkig. Er bestaan verschillende versies van het verhaal, die jammer genoeg niet allemaal even goed aflopen. Wat in de tijd dat het verhaal zich afspeelde in officiële documenten is vastgelegd, is dat er een grote plundering heeft plaatsgevonden, waarbij 400 inwoners tot slaaf werden gemaakt. Onder hen bevond zich een bruid. De kans is groot dat het volksverhaal sinds de plundering en het moment waarop werd opgetekend (in 1895) flink is geromantiseerd.

Bereikbaarheid

De Mosta dome staat op het programma van vele excursies over het eiland. Hij is dan ook best een bezoekje waard. Mosta is te bereiken met een groot aantal buslijnen vanuit Valletta. Buslijnen 21 31 41 42 44 en 47 komen langs de kerk. Vanuit Bugibba is de stad te bereiken met lijn 31. De kerk is gemakkelijk te herkennen vanuit de wijde omtrek. De kans dat er op de verkeerde plek wordt uitgestapt, is derhalve gering. Ook met een huurauto is de kerk te bereiken. Houd er dan echter wel rekening mee het vaak niet mogelijk is om in de drukke directe omgeving van de kerk te parkeren.

De officiële website van de plaats Mosta is te bereiken door hier te klikken.



Google



Zoeken met Google Foto's zoeken met Flickr Zoeken met Google en Flickr